p. 0026

animus

ANIMUS — boekpagina 26
p. 0026Vergroot ↗
Tekst van deze pagina

Overgenomen uit de doorzoekbare PDF; kan herkenningsfouten bevatten.

smeltend vet vloeit uiteen stolt op grond verterend vuur in lucht geschraten valt as vorm eenmaal uitgesproken niet meer tegenwoordig is langs ongrond waarin brein drijft eindelocs reflecterend terug naar beeldloos spiegelpunt haard waar witte hitte onwlamt vmrtstWNende brand zich weg baant door gangenstelsel van vertakkende aderen tot in kleinst derkbare tot in schroeiend hart zenuweinden breken ruimte bezeten Pijn beueegt onùvrichte ledematen tasten rond reiken rekkende ruimte bekneld meebewogen ingekapseld gebeuren geleegd in moment hecht zich aan plaats opperlaag Oueeslachtig vlak gebonden in verre leegte doordringend duister waar onderscheidend zcht in hoorbaar rillende regelmaat oogloŒ achterover slaat getrckken tong (door gat in keel) vanuit hoorbare verte suizende overdracht stemt toon ineen in het vlees gekeerde ster kolkend rad rond bodemloos moment zijn gedachten stofloœ waar ieder spreekt ekaars gelijke naam gespreide vingers onthechte pezen gespleten handen krommen vanuit pols trekken over wond vel strak nagels krassen rood omrande mond rond tong aanliggende spieren schuren tussen,veefsel rasters van pijnpunten vernauwen rekwijdte zoon denkt vader buiten egen vlees Ingekeerde autopsie op negatieve ruimte vngers bewegen richting gelijk arm vanuit gel%icht naar ongekende hoogte rekt door het vlak gezonken trekt spiegel strak gehecht trilt lichd<leur het vlies nevel van ontbinding herneemt vergetelheid onderhuiden rondom benenste[sel bergen organen and<leedt en beleeft in het vlees worden ruggenwervels bloot gelegd beenderen gespreid gelegd in onmogelijke positie slag in ruis verdtht moment trilt het vlies schd<t het vlees breekt de huid ontspringt vonk bloedt splijtende lijn vastgesnoerde romp onuwachteld gaas vemrijderde hand beschilderd aangeztht zwarte schedel getrokken tanden onttrokken water open neushorte open vliezen ronde tong ingegroeid weefsel verteert geankerd het lichaam geschreeLm/de lucht trilt oneindig gedeeld over ijle vlaktes schaduwgestalte werpt schim wer berg doorlopen pad ge,voelde grond afrasteringen krusen schememrolken geulen doorsnijden innige aarde wervelwinden golfslagen sidderen lucht rust venonesting schept wijde massa gebogen zuuaartekracht brengt onbalans krachten buiten lœefsel deett cel terug naar herbegin bloedende organen doorschijnen de huid doorstroomt angst als gekleurd as alle fasen deze toestanden van het vlees van vorming tot in leven ontbonden zijn plaatsgei/onden voedsel doorgroeit weefsel herleeft één wordend snijdt beide borsten los met lange halen hang naastij diep kantel frek hoofd achterwaarÉ neus oren IMjde kaken tanden rondom schreeuw hol ogen uit trek bloedlijn over ruggengraat tot onderrand schedel beide handpalmen aan weerszijden druk met vol ga,Mtht verticale lijn uiteen spreidt open stoot draai armen rugwaarts uit kom leg voeten hoofd in schaduw gesloten hand buiten licht open hand onweld breek mijn schouder buig metaal om romp naai ijzerdraad rond ingewanden bevestig aan zelf trek draden stak lijn romp met muur trek wereld oogkas in bevlees de objecten behang de ruimtes met vel vul de kamers met bloed ven,0/arm de woning vervang lucht door uitademing trek zenuwen door aderen doorsteek spier met takken beschilder bot éérkleurig versmelt kleding met huid val achterover schaduw glijdt van muur tril het vlies tot stille toon de vloer een kcrst tussenmuren gevuld met vet gescheiden kou lak omlijste ramen betonnen ritme skelet waarachter als in water drijvende silhouetten handelingen verrchtend schijnsels achter gesloten glas door beslagen vlak heen voonverpen in plastic verpakt verschroeid weefsel door ziedende zon gebroken schitterend op goh/en stuwende massa zware horizontale zee driNend daar het matras waarop lijf zith spectrum doorbloedend in dekens omwkkeld zacht op kussens toegedekt vastgehouden beschenen door zilver goud fonkelend gesternte zijnde weerkaatsingen van enkelvoud gelijke stem klinkt in ieder overal het ene durende weerklinkt zich als alle klanken bestaande uit zenu,vprkkeS omgeven behoudt ruls onderkbaar raster licht breekt onderlagen in kleurdieptes ontbonden massa vindt uitgestrekt over veld gelijke trilling brandpunt ooglens trekt tijdspoor in oorzaakloze omgeven door lichtlocsheid weerschijnt zon in helderheid patroon ge,tormd in snijpunten lichtgohren raster verschijnselen vertakkende woordbeelden vanuit geluidloze holte verinnerlijken gebeuren vormen omhulsel aardkorst oceaan gezicht gezicht gedeeld moment gesneden zenuw slag botbreuk gezicht neer achter staande lichtend hart gordijn van vuur herstel opdeling ontlaadt geheel schedel schadLWholte indirect wereldzicht zicht op zon verloren ingekaç:selde hersenschorsen vervellen millennia heen tot aan geketende kern in ieders cel (inter urinas et
ANIMUS — boekpagina 27
p. 0027Vergroot ↗
Tekst van deze pagina

Overgenomen uit de doorzoekbare PDF; kan herkenningsfouten bevatten.

faeces nascimur) lippen verbeten rood gestift zwart spiegelende ogen koud bot onder dunne huid gelaagd hersenschors uitgepunt bleek warm weefsel lichaam van lichaam tussen urine en bloed gescheiden in licht gesneden van mek en zuurstof onthouden in 0,0/eeën gesplitst (aanwezigheid van het afiA/ezige) kramp ingehouden adem tussenruimte het ongezegde het amrezvge beweegt in volheid van het moment vallende butten helderheid de donkerte in kern schemering slagschaduw van het aanwezige de onscherpte in wat het continuüm van leegte is grond aanwezigheid het uitgesproken denkbeeld bepaalt het uitgeslotene schijtwormen aan opzwellend firmament verdiepingen gestapelde gesteente verzonken in aardlagen bewogen versteende legers van Ithamen in kiezels versveid vuist onder water breekt arm tot kruis armen dagonaal gespreid trekken gewicht mens op lcs van aarde onder luchtstromen die grensvlakken bewegen van geladen kleur zoekt onmens gebonden aan elkaars enkels 2,0/aarte in staaÉlichaam doo&lag over verloren tijd vanuit inwendige doorboord gebroken weerstand ongeborene na doodse herrezen geurend lichaam afgedaan herstelt onbalans terugslag ontlading ontketende rust samentrekking spier trekt pees van bot angstgreep verliest evenwicht langs rand lavameer zwart as verkoold lichaam in glas gegoten vanuit in deze volheid negatiei/e ruimte wordt woord ontnomen tot begin gemaakt van lœreld getyangen licht beweegt contour in kamer achterstaande muur kromt rug spant spieren zenwwiteinden tasten ruimte af draait mee kamer buigt in lichaam afstand is leegte vormreductie grijpt in op organische brand kneperende overdracht levensstroom kniel hoog rijzend samengestelde denkvorm afdruk door eigen ruimte heen van hoop op herstel onvolledigheid zonnewiel in diamant gekooid flitst schitteringspatroon binnen hersenvlies dreunend vibrerend uit denktijd gerukt weerkaaÉt in kind zelf niet ziend oog hangt bevend aan zenuw ongeladen impulsen trekken voorbij trillende hand vervloeit warmte in krachteloze grip knoop trekt bele,/ing strak tot gesloten cirkelgang gevouwen in vergeliwng legt gebeurtenis open het moment breekt als doorgang naar verleden wij bewegen achterwaarts ons denken sluit de gang wij zijn kristal dat zich van alle kanten belicht ketting valt trekt strak om hals beweeg neewaarts buig diep mee! lichaamsgeur li/ff',vaait in richting beweegt zand golft vater trilt stem tot één kleur zegt ja ketting trekt zo kort dat zicht ont„ealt ruimte beweegt in gelijk vlak zonder diepte ontzenuwd object weerkaatst in vormende wok vlag doorbloedt pigment drurœlag slaat neer fakkels lichten huis na huis naakt wit opgesteld in rijen ruggemrerve[s krullen op ribben knappen dood vrijheid sterf en wordt! nevel van verlŒsing steenkoude gehaald van laagte ontkleed ontveld overgebracht naar ruimte van licht waar behangen met loshangend vel brandend in durend bestaan leven wordt gerekt haar schacnwuimte ontnomen onderbroken in val longen gevuld met gestokte inademing I avevende al ademend water / met aarde ge„tulde maag aangezicht neenuaars tot stilstand gekomen oogloze leegte brandt door in de dingen as stroomt in zee tijd trilt beeft aarde wat komt schuift over onwaarheid dat het vlees ontbeent ruistoon echoot rimpellocs gas trekt longblaas vacuüm spiegellijn deert 2 naar O in moment van val gedachteloos inademing afgekapte schreeuw staande uit ariÇt te vallen afstanden verkleinen in lichaam tot oneindigheid omvat in vlees onthoofd het hart ontrukt gecastreerd grijzend kleur ontneemt omgevingswarmte foetus groeit los bindt los van wereld kleurend door vuur warmte dringt plaatseliJk binnen vervloeit bloed beadert het staf afstanden versnellen tot punt keert naar puntloos centrum uiNvaarÉe kok koude in gebeurtens ven,œzenlikt als gedachte verplaatsend object: haar lichaam schuift in delen onder aarde valt brekende bewegingen schuurt huidvlaktes wit mengt met kalk komt tot stilstand achter loden muren dode kamer trilloze lijn echabron verdoofd ongekende ruimte kromt rondom staande in vormloosheid gegoten symmetrsche groeivorm oorzaakloŒ begin vrij krachten te enataren als meegaande tegendruk rus van ontbeelding ontneemt naam verlost vorm schaduw vergetelheid trekt over herkenning woordloos impuls doorbloed woordbeeld licht op in kleur gelaagd tot huid dat in onkleur verblindt splitsing ont,/ouwt kleurverdeeldheid regelmatige stilstand zet beweging tot uitstorting kleur nacht vanuit heelal gevuurd keert stil in zinloos geuelf daghitte trilt toon in ek een klank een stem geheugen bindt object ik denk mijn naam stofloos de wereld zoals die gezien de ruimte die ontnomen wordt wolken hervoelen landschap tot één ritme gelijk boom vertakt aders waait volume tussenruimtes stuwen massa scheidslijn trekt een vacuüm horizon klapt ineen nulpunt tot perspectief neerslag
ANIMUS — boekpagina 28
p. 0028Vergroot ↗
Tekst van deze pagina

Overgenomen uit de doorzoekbare PDF; kan herkenningsfouten bevatten.

waait door hart doorlicht het inwendig glas gegoten om bot en orgaan voorovenxallend staande hangen kleding en spieren in flarden golem zinkt in klei het nabeeld vriest iÉkap deze wonden toegebracht uit gewoonte tot uitputting geslagen met koord om nek voortgesleept door stratenplan afgelegd in bloeWuur in Wijk in aanbou,0/ schijnbeelden bewerkte romp ontkleed in conjunctie met woord en tijd beweegt een object haar talloze reflecties in spiegel en oog geschreven lichaam in rechthoek versteend in verhaal geleefde duur in zich vergaan zinturgliÎke massa donker gloeiend in uitgeholde aarde richtloze groei door buitenzinnelljke wetmatigheden bedwongen vwwt uiteen spliÈt richt op in oog in oogholte waar focus ontsprongen vanuit snijpunt lichtstraal omklapt weerkaatst op raamloŒ venster schijnsel fœus geleidelijk random vervormt vervaagt oplost buiten zinnen valt achter hoofdeloze horizon brandt eruit genvel uit eigen drang gezien langs laag doorschijnend huid waarin luchtlagen wolken verkleuring elektriciteit als vuurregen neerslaat Litt gesloten oog beweegt geest voort over brug boven grondeloos water grijze nevel verteert echo uitgestrekt duister rondom oogkassen belchten brein Z*/ljgend ongedacht ZO/arte tong gebeten tanden knikkend hoofd gehurkt wordt schedel gelcht uit het ongeborene rondom in fliÊ belicht stadia van vorming en ontbinding inéén in kennend vlies specüum kleurvewal afiœzigheid licht kracht in onbalans schicht herstel invallend zicht geborgen in het vormloze ongeboren totdat inwendige LiltA/endig wordt vormend vlies in oogkas object tot kern gemaakt lichtsubstantie omgeven onscherpte achter fccuspunt terugval in vormloze eigen zicht snijdt in beeld doorschijnend vlak der clingen smelt spectrum botsing dreunt galmt verschijningen geraamte stapt uit vlees object opengeschroefd tape en etiket folie vewijderd gedeeld kloppend hart beweegt moment doorsnijding poe wind golft hangende nuaarte val in diepte pil dooft oogholte vult zich als al dat is onuwachteld in membraan staart zichtloŒheid buiten tijden vierkant leeg inwendig brandt punt ineen cirkel voetaat het landschap verticaal doorsneden lichtend gas vervalt in schaduwbeelden cardiac arrest gen nation self state solar system unborn not me death flash us or them drumbeat of death burned flesh plastic GAS GEN in schijnsel huidlichaam ontbindt rus ruimte geboren belichaamd object vlees licht uiteengevallen opgedeeld kleur in vlies lichtllchaam huid pijnlichaam ontbinding ruis spiegeling lichWlies zintuig vereenzelviging ontbinding straling uitgeworpen spectrum tot stof ontbonden nabeeld ruÉ. deeltjes I materie / tijd I ruimte: spiegeling: waarneming I ervaring: naam vorm geen centrum. achtergrond draagt beeld. venuonding opening zonlicht in stofloŒ ongrond vormloos ongrond naamloŒ rood wit auart blut skin soil form flash fade noise tone flash zon ontvoLMft zich in zich samenvallend stof durende Ithtflits weerspiegelde reflectie opgelost nabeeld on- bot vlees bloed vlies vorm ontbinding ruimte = O ongeboren onzijnA = B = 1 = O (noee) no signal no pattern no form In love out of fear out of pain sense of pressure sense of pain out of pain light being matter sealed in skin embodied shadow shines skin reflection on skin skin shade embodied sealed Image fade noe object soil paint fragment whole godhead circle square crŒs senses word konflikt (entropy) here now no."/ here close open open clŒe out in in out mirror clothing food DNA soil flag symbol language noise flash afterimage fade in as is trauma mind out blind volheid te zien door spiegel heen belichaming object als voor werkelijk dusternis gloeit licht is duister als geen object tot het voedsel wordt licht kleurschittering op sensitieve huid licht radiatie materie dat licht beeld reflectie schaduw op doorschijnend vlies licht dat materie is lichtdruppels in vlees in geest in liJk in wereld dat al is werpt spectrum echo maakt zichtbaar brandt in weefsel opgaand in Ithtschittering en gas is het lichaam vloeibaar en huid opgedroogd vlees de beweging van gewaanuording in ongedeelde totaliteit het licht dat uit zichzelf onstaat de reflectie weer in zich oplost een zichzelf vormende werkelijkheid die gekend wordt tot beeld ontbindt en ongeboren blijft algeheel al is staat niet IŒ van vlies vlakpunt tot ruimte nul reflectie beeldvlak eenzetfde licht as aarde mek water bloed inkt zout alcohol brood chloor benzine steen gas suiker hout belichaamd zrch kennend object verblind uit het schijnsel in spiegeling nabeeld verdubbeling licht samerwallend beeld vlies membraan kennend vlak geborenen punt het al invalt het al tot punt spreidt ruimte waarin afstand nul is wereld oplicht corpus naakt avak open vel getrokken wer steSel van been sensitief vlak vatbaar waar schroeiplekken van weerschijn geheeld trauma littekens achterlaat langs onderlagen heen doorgang legt naar gewezen beeld gekapseld in het vlees meedraaiend gewicht binnen
ANIMUS — boekpagina 29
p. 0029Vergroot ↗
Tekst van deze pagina

Overgenomen uit de doorzoekbare PDF; kan herkenningsfouten bevatten.

ongekende ruimte doorsneden opengelegde lagen gelijnd in nieuwe orde blijft het gebeuren behouden in het vlee (substantie of de toestand van geheeld lœefsel) transparante wolken van kleur vemaaien in lucht als arm neerhaalt golft wat komt de alle hoedanigheden gestolde groei stadia van het bloed lichten lichaam op bloedt het beeld smettende massa uiteen gedreven trilt kleurende hitte vewarden tot vluchtig gas in koude tot stilstand gebracht zo opgeheven onhoorbare toon in het denken weerkaaEt lost een eindeloze echo laag over laag in staat van blindheid doorleefd in geest buiten zinnen gelegd in de nacht waar pijnloze ingeuanden naamloos geborgen traumaS behouden zijn in het herserwlies waar op het vlak gelegen beelding uiteen valt in stralend schijnsel het direct werkelijke dichtstbij zijnde meest kweÈbare overgaat in spiegelende beving kreten en alle aangenomen beelden vullen holle ruimte lichtend brandt het spectrum slaat over op de [wensorganen ont,/lammen het skelet spieren trekken samen in amqsseling beaMogen overgenomen door buiteneigenlijke krachten schaduw trekt in het gezicht het koord trekt stak snaar klinkt steeds hogere toon knapt in het vlees beweging in en uit en in prkkett dunne rode huid geurende afscheiding schuurt tot onhoudbare hitte het vœhtige weefsel gesteund door bot belœegt onder vol gewicht u,relt inwendig het bloed welvende lichamen in eenzaam gevecht waar het vormloos vlees onder hoge drLk onhoudbaar exploderende dichtheid ontsnapt het licht ongekende tijd en onreikbare ruimte flitst ontbonden gespiegeld gehouden opgedeeld scheurt ontvowut het geboortevlies verbindt het placenta gebracht uit vergetelheid de Mreeling uit enige wond voedt en spreidt onhoudbare geboorte tussen bloed en faeces dode spiertrekkingen doorsneden streng opent oog gezien uit Wee het gedeelde bloed koelt af stolt tot korst zo huid werd eens geschonden lichaam rondom ingewanden krimpt ineen trauma zijn geur kreeg de moeder het leven liet en zo kind werd het ingenomen voedsel verdwijnt tot vlees leeft door in lichaam waarover het glanzend vlies van de anders kèed wiens vormend oog ziet (gekanteld) gehecht aan plaats geleegd in moment worden gebeurtenissen gedragen door eigen doorzenuwd lichaam eenmalig uitgesproken de in kretal gedachte vorm splintert als niet meer tegeuoordig is verdicht de tijd tot slag in ruis trilt het vlies schokt het vlees breekt de huid spreidt uiteen onderbreekt en vormt fivee is daar dubbellng gezien in geest maar door het vlak gezonken verstikt onder niets dan schaduw (schokkend wergegaan) geborgen in water het denkbeeld dat huid gerild als ongebonden scheiding tussen O,vee ziet losgesneden en onthecht getrckken los van zetw,0/ los van ruggengraat en hersenstam nieE gewaar ongedacht geofferd en ontbonden zelfstandig zo horizon vertkaal legt ruimte opheft en lijn tot punt zet onhoudbaar gevoelloŒ los van het moment gewaar geheel van lichtend gas waar ribbelingen uit vormlocsheid tot lichaam stollen opgebracht en ontleed naar vlees spier verkrampt rond been bespannen skelet gelegd tot vierkant bloed schrijft in het vlees het beeld schijnt versplinterd door bevroren huid heen van dier en diermens wiens rauw keelgeluid ongeduide emotie grond vindt in schreecw gedurende val spant ruimte nauw rond opening borstkas waarin het ongeborene onbelicht bewogen zich en kopieert handelingen overneemt door ogen meekijkt en luistert zijn reflecta door lagen vliezen deett patronen vormt van kleur en trilling op vlies-wand van oorsprong verbeelding uit eigen weefsel uitdijende spiraal vanuit vormloze rust geworpen vlammenschijnsel tritt schaduwrand zwakkere weerschijn door schaduwen heen rondom kern lichtloos brandpunt uitgedoofde materie koud in gloed gelegen gewezen schittering ongedachte schepping stofloos echobeeld samengesteld geraamte omvat grondvorm afgeleide van ander neemt wezen over beiden even klœtsbaar gebroken weerstand delen infectie stukken afgestoten resten slijmvlies van wand vewaterd kleur de zintuiglijke wand waartegen trillagen structuren vormen verenigen elementen van het ene lichaam zbh naar constructie gehangen aan ledematen aan touwen gebonden verbinden fragmenten zich naar gedachte staketsel het raamuerk waarin het geslachte dier gehangen skelet buiten het gepresenteerde vlees binnenstebuiten gekeerd lichaam van spier en orgaan onondçoombaar gekruisigd in vierkant gedragen vlak van verleden pijn doorschijnt als omgevingsruis in beweging tijd en denken beueging
ANIMUS — boekpagina 30
p. 0030Vergroot ↗
Tekst van deze pagina

Overgenomen uit de doorzoekbare PDF; kan herkenningsfouten bevatten.

zwaarte snijdend vlak hoog gehangen scherpe diagonaal splijt in val rotsvlak tot schilfers bloed schroeit kamer inhaleert zwartrode nevel zwelt zijn longen vult zich rots en orgaan gloeiend kleed (Mitrolt richting onbekende cel hart suist ruimte dliikt in lichaam bmidskamer waar twee in versmelting helen huidskleur gelaagd spectrum van gekende wereld voortgekomen uit hetene zelf zonder eigenschap buiten ewaring ligt geen binding kent altijd in gedompeld is het denken ketting verleden toekomst legt buiten grip en tijd in doodsmimte openheid openheid ontmoet kamer in kamer waar man in stoel zit naast het bed het kind uit schaduw gevallen van opgebaarde moeder bleek getrokken gelegen op bed waarover kleed strak getrokken de geheelde wonden met de huid losgetrokken het kleed de wonden overgenomen de resten van het lichaam onder zich verbergt patroonslijnen volgen glooiingen spannen zich over voorstelling gedacht trauma schuilt in geschonden lichaam hernieuwd weefsel vult ongewilde openingen uitdijende spiraal vanuit vormloze Rist gewcnpen vlammenschijnsel trilt schaduwrand zwakkere weerschijn door schaduwen heen rondom kern lichtloos brandpunt uitgedoofde matelie koud in gloed gelegen gewezen schittering ongedachte schepping stofloos echobeeld samengesteld geraamte omvat grondvorm afgeleide van ander neemt wezen over beiden even kwetsbaar gebroken weerstand delen infectie stukken afgestoten resten slijmvlies van wand vematerd kleur de zintuiglijke wand waartegen trillagen structuren vormen verenigen elementen van het ene lichaam zich naar constmctie gehangen aan ledematen aan touwen gebonden verbinden fragmenten zich naar gedachte staketsel het raamwerk waarin het geslachte dier gehangen skelet buiten het gepresenteerde vlees binnenstebuiten gekeerd lichaam van spier en orgaan onontkoombaar gekruisigd in vierkant gedragen vlak van verleden pijn doorschijnt als omgevingsmis als beweging tijd is en denken beweging was beweegt daar niets dat kijkt het denkbeeld dat huid gevild als ongebonden scheiding tussen twee ziet losgesneden en onthecht getrokken los van zenuw los van ruggegraat en hersenstam niets gewaar ongedacht geofferd en ontbonden zelfstandig staand zo horizon vertikaal legt ruimte opheft en lijn tot punt zet onhoudbaar gevoelloos ingevouwen los van het moment gewaar geheel van lichtend gas waar ribbelingen uit vormloosheid tot lichaam stollen opgebracht en ontleed naar vlees spier verkrampt rond been bespannen skelet gelegd tot vierkant bloed schrijft in het vlees het beeld schijnt versplinterd door bevroren huid heen van dier en diermens wiens rauw keelgeluid ongeduide emotie grond vindt in schreeuw gedurende val spant ruimte nauw omsluitend rond opening borstkas waarin het ongeborene onbelicht bewogen zich uitvouwt en kopieert handelingen overneemt door ogen meekijkt en luistert zijn reflecties door lagen vliezen deelt patronen vormt van kleur en trilling op vlies-wand van oor»rong verbeelding uit eigen weefsel corpus naakt zwak open vel getmkken over stelsel van been sensitief vlak vatbaar waar schroeiplekken van weerschijn geheeld trauma littekens achterlaat langs onderlagen heen doorgang legt naar gewezen beeld gekapseld in het vlees meedraaiend gewricht binnen ongekende mimte doorsneden opengelegde lagen gelijnd in nieuwe orde blijft het gebeuren behouden in het vlees (substantie of de toestand van geheeld weefsel) transparante wolken van kleur verwaaien in lucht als arm neerhaalt golft wat komt de alle hoedanigheden gestolde groei stadia van het bloed lichten lichaam op bloedt het beeld smeltende massa uiteen gedreven trilt kleurende hitte verworden tot vluchtig gas in koude tot stilstand gebracht zo opgeheven onhoorbare toon in het denken weerkaatst lost een eindeloze echo laag over laag in staat van blindheid doorleefd in geest buiten zinnen gelegd in de nacht waar pijnloze ingewanden naamloos geborgen trauma's behouden zijn in het hersenvlies waar op het vlak gelegen beelding uiteen valt in stralend schijnsel het direct werkelijke dichtstbij zijnde meest kwetsbare overgaat in spiegelende beving kreten en alle aangenomen beelden vullen holle mimte lichtend gas brandt het spectrum slaat over op de levensorganen ontvlammen het skelet spieren trekken samen in afwisseling bewogen overgenomen door buiteneigenlijke krachten schaduw trekt in het gezicht het koord trekt strak snaar klinkt steeds hogere toon knapt in het vlees beweging in en uit en in prikkelt dunne rode huid geurende afscheiding schuurt tot onhoudbare hitte het zachte vodltige weefsel gesteund door bot beweegt onder vol gewicht zwelt inwendig het bloed welvende lichamen in eenzaam gevecht waar het vormloos vlees onder hoge dillk onhoudbaar exploderende dichtheid ontsnapt het licht ongekende tijd en onreikbare ruimte flitst ontbonden gespiegeld gehouden opgedeeld scheurt ontvouwt het gebmrtevlies verbindt het placenta gebracht uit vergetelheid de tweeling uit enige wond voedt en spreidt onhoudbare krachten geboorte tussen bloed en faeces dode spiertrekkingen doorsneden streng opent oog gezien uit twee het gedeelde bloed koelt af tot korst zo huid werd eens geschonden lichaam rondom ingewanden krimpt ineen trauma zijn geur kreeg de moeder het leven liet en zo kind werd het ingenomen voedsel verdwijnt tot vlees leeft door in lichaam waarover het glanzend vlies van de anders kleed wiens vormend oog ziet (gekanteld) gehecht aan plaats geleegd in moment worden gebeurtenissen gedragen door eigen doorzenuwd lichaam eenmalig uitgesproken de in kristal gedachte vorm splintelt als niet meer tegenwoordig is verdicht de tijd tot slag in ruis trilt het vlies schokt het vlees breekt de huid spreidt uiteen onderbreekt en vormt twee is daar dubbeling gezien in geest maar door het vlak gezonken verstikt onder niets dan schaduw (schokkend overgegaan) geborgen in water smeltend vet vloeit uiteen stolt op grond verterend vuur in ludlt geschreven valt as gedachte vorm eenmaal uitgesproken niet meer tegenwooldig is langs ongrond waarin brein drijft eindeloos reflecterend terug naar beeldloos spiegelpunt haard waar witte hitte ontvlamt voortstuwende brand zich weg baant door gangenstelsel van vertakkende aderen tot in kleinst denkbare tot in schroeiend hart zenuweinden breken ruimte bezeten pijn beweegt ontwrichte ledematen tasten rond reiken rekkende Alimte bekneld meebewogen ingekapseld gebeuren geleegd in moment hecht zich aan plaats oppellaag tweeslachtig vlak gebonden in verre leegte doordringend duister waar onderscheidend zicht in hoorbaar rillende regelmaat oogloos achterover slaat getrokken tong (door gat in keel) vanuit hoorbare verte suizende overdracht stemt toon ineen in het vlees gekeerde ster kolkend rad rond bodemloos moment zijn gedachten stofloos waar ieder spreekt elkaars gelijke naam gespreide vingers onthechte pezen gespleten handen krommen vanuit pols trekken over wond vel strak nagels krassen rood omrande mond rond tong aanliggende spieren schuren tussenweefsel rasters van pijnpunten vernauwen leikwijdte zoon denkt vader buiten eigen vlees ingekeerde autopsie op negatieve ruimte vingers bewegen richting gelijk arm vanuit gewricht naar ongekende hoogte reikt door het vlak gezonken trekt spiegel strak gehecht trilt lichtkleur het vlies nevel van ontbinding herneemt vergetelheid onderhuiden rondom benenstelsel bergen organen ontkleedt en beleeft in het vlees worden ruggenwervels bloot gelegd beenderen gespreid gelegd in onmogelijke positie slag in mis verdicht moment trilt het vlies schokt het vlees breekt de huid ontspringt vonk bloedt splijtende lijn vastgesnoerde romp omzwachteld gaas verwijderde hand beschilderd aangezicht zwarte schedel getrokken tanden onttrokken water open neusholte open vliezen ronde tong ingegroeid weefsel verteert geankerd het lichaam geschreeuwde lucht trilt oneindig gedeeld over ijle vlaktes schaduwgestalte werpt schim over berg doorlopen pad gewoelde grond afrasteringen kruisen schemerwolken geulen doorsnijden innige aarde wervelwinden golfslagen sidderen lucht rust verwoesting schept wijde massa gebogen zwaaltekracht brengt onbalans krachten buiten weefsel deelt cel terug naar herbegin bloedende organen doorschijnen de huid doorstroomt angst als gekleuld as alle fasen deze toestanden van het vlees van vorming tot in leven ontbonden zijn plaatsgevonden gelijke stem klinkt in ieder overal het ene durende weerklinkt zich als alle klanken bestaande uit zenuwprikkels omgeven behoudt ruis ondenkbaar raster licht breekt onderlagen in kleurdieptes ontbonden massa vindt uitgestrekt over veld gelijke trilling brandpunt ooglens trekt tijdspoor in mrzaakloze omgeven door lichtloosheid weerschijnt zon in helderheid patroon gevormd in snijpunten lichtgolven raster verschijnselen vertakkende woordbeelden vanuit geluidloze holte verinnerlijken gebeuren vormen omhulsel aardkorst oceaan gezicht gezicht gedeeld moment gesneden zenuw slag botbreuk gezicht neer achter staande lichtend hart spankracht gordijn van vuur herstel opdeling ontlaadt geheel schedel schaduwholte indirect wereldzicht zicht op zon verloren ingekapselde hersenschorsen vervellen millennia heen tot aan toekomst geketende kern in ieders cel (inter uiinas et faeces nascimur) lippen velbeten rood gestift zwart spiegelende ogen koud bot onder dunne huid gelaagd hersenschors uitgepunt bleek warm weefsel lichaam van lichaam tussen urine en bloed gescheiden in licht gegleden van melk en zuurstof onthouden in tweeën gesplitst (aanwezigheid van het afwezige) kramp ingehouden adem tussenruimte het ongezegde het afwezige beweegt in volheid van het moment vallende buiten helderheid de donkerte in kem schemering slagschaduw van het aanwezige de onscherpte in wat is het continuüm van leegte is grond aanwezigheid het uitgesproken denkbeeld bepaalt het uitgeslotene schijnvormen aan opzwellend firmament verdiepingen gestapelde gesteente verzonken in aardlagen bewogen versteende legers van lichamen in kiezels verspreid vuist onder water breekt arm tot kruis armen diagonaal gespreid trekken gewicht mens op los van aarde onder luchtstromen die grensvlakken bewegen van geladen kleur zoekt onmens gebonden aan elkaars enkels zwaarte in staatslichaam doodslag over verloren tijd vanuit inwendige doorboord gebroken weerstand ongeborene na doodse herrezen geurend lichaam afgedaan reflex herstelt onbalans terugslag ontlading ontketende rust samentrekking spier trekt pees van bot angstgreep verliest evenwicht langs rand lavameer zwart as verkoold lichaam in glas gegoten vanuit in deze volheid negatieve ruimte wordt woord ontnomen tot begin gemaakt van wereld gevangen licht beweegt contour in kamer achterstaande muur kromt rug spant spieren zenuwuiteinden tasten ruimte af draait mee kamer buigt in lichaam afstand is leegte vormreductie grijpt in op organische brand knisperende overdracht levensstroom kniel hoog rijzend samengestelde denkvorm afdftlk door eigen nlimte heen van hoop op herstel onvolledigheid zonnewiel in diamant gekooid flitst schitteringspatroon binnen hersenvlies dreunend vibrerend uit denktijd gerukt weerkaatst in kind zelf niet ziend oog hangt bevend aan zenuw ongeladen impulsen trekken voolbij trillende hand vervloeit warmte in krachteloze grip knoop trekt beleving strak tot gesloten cirkelgang tijdslijnen gevouwen in vergelijking legt gebeurtenis open het moment breekt als doorgang naar verleden wij bewegen achterwaarts ons denken sluit de gang wij zijn kristal dat zich van alle kanten belicht ketting valt trekt strak om hals beweeg neerwaarts buig diep mee! lichaamsgeur verwaait in richting beweegt zand golft water trilt stem tot één kleur zegt ja ketting trekt zo kort dat zicht ontvalt mimte beweegt in gelijk vlak zonder diepte ontzenuwd object weerkaatst in vormende wolk vlag doorbloedt pigment dmmslag slaat neer fakkels lichten huis na huis naakt wit opgesteld in rijen ruggenwervels kmllen op ribben knappen dood vrijheid sterf en wordt! nevel van verlossing omhult steenkoude gehaald van laagte ontkleed ontveld overgebracht naar ruimte van licht waar behangen met loshangend vel brandend in durend bestaan leven wordt gerekt haar schaduwruimte ontnomen onderbroken in val longen gevuld met gestokte inademing / zwevende al ademend water / met aarde gevulde maag aangezicht neerwaafts tot stilstand gekomen oogloze leegte brandt door in de dingen as stroomt in zee tijd trilt beeft aarde wat komt schuift over onwaarheid dat het vlees ontbeent ruistoon echoot rimpelloos gas trekt longblaas vacuüm spiegellijn deelt 2 naar O in moment van val gedachteloos inademing afgekapte schreeuw staande uit angst te vallen afstanden verkleinen in lichaam tot oneindigheid omvat in vlees onthoofd het hart ontrukt gecastreerd grijzend kleur ontneemt omgevingswarmte foetus groeit los bindt los van wereld kleurend door vuur warmte dringt plaatselijk binnen vervloeit bloed beadett het stof afstanden versnellen tot punt keert naar puntloos centrum uitwaartse kolk koude in gebeurtenis verwezenlijkt als gedachte verplaatsend object: haar lichaam schuift in delen onder aarde valt brekende bewegingen SChUU1t huidvlaktes wit mengt met kalk komt tot stilstand achter loden muren kamer trilloze lijn echobron veldoofd ongekende Illimte kromt rondom staande in vormloodleid gegoten symmetrische woeivorm oorzaakloos begin vrij krachten te entaren als meegaande tegendruk mis van ontbeelding ontneemt naam verlost vorm schaduw vergetelheid trekt over herkenning woordloos impuls doorbloed woordbeeld licht op in kleur gelaagd tot huid dat in onkleur verblindt splitsing ontvouwt kleurverdeeldheid regelmatige stilstand zet beweging tot uitstorting kleur nacht vanuit heelal gevuuld keert stil in zinloos gewelf daghitte trilt toon in elk een klank een stem geheugen bindt object ketent verleden ik denk mijn naam stofloos de wereld zoals die gezien de ruimte die ontnomen wordt wolken hervoelen landschap tot één ritme gelijk boom vertakt aders waait volume tussenmimtes stuwen massa scheidslijn trekt een vacuüm horizon klapt ineen nulpunt tot perspectief neerslag waait door hart doorlicht het inwendig glas gegoten om bot en orgaan voorovewallend staande hangen kleding en spieren in flarden golem zinkt in klei het nabeeld vriest ijskap deze wonden toegebracht uit gewoonte tot uitputting geslagen met koord om nek voortgesleept door stratenplan afgelegd in bloedvuur in wijk in aanbouw schijnbeelden bewerkte romp ontkleed in conjunctie met woord en tijd beweegt een object haar talloze reflecties in spiegel en oog geschreven lichaam in rechthoek versteend in verhaal geleefde duur in zich vergaan zintuiglijke massa donker gloeiend in uitgeholde aarde richtloze groei door buitenzinnelijke wetmatigheden bedwongen vouwt uiteen splitst richt op in oog in oogholte waar focus ontsprongen vanuit snijpunt lichtstraal omklapt weerkaatst op raamloos venster schijnsel focus geleidelijk rondom vervormt vervaagt oplost buiten zinnen valt achter hoofdeloze horizon brandt emit gezwel uit eigen drang gezien langs laag doorschijnend huid waarin luchtlagen wolken verkleuring elektriciteit als vuurregen neerslaat uit gesloten oog beweegt geest voort over brug boven grondeloos water grijze nevel verteert echo uitgestrekt duister rondom oogkassen belichten brein zwijgend ongedacht zwarte tong gebeten tanden knikkend hoofd gehurkt wordt schedel gelicht uit het ongeborene rondom in flits belicht stadia van vorming en ontbinding inéén in kennend vlies spectrum kleurverval afwezigheid licht kracht in cmbalans schicht herstel invallend zicht geborgen in het vormloze ongeboren totdat inwendige uitwendig woldt vormend vlies in oogkas omsluit object tot kern gemaakt lichtsubstantie omgeven onscherpte achter focuspunt terugval in vormloze eigen zicht snijdt in beeld doorschijnend vlak der dingen smelt spectrum botsing dreunt galmt verschijningen geraamte stapt uit vlees gedeeld kloppend hart beweegt moment doorsnijding pols wind golft hangende zwaarte val in diepte pil dooft oogholte vult zich als al dat is omzwachteld in membraam staart zichtloosheid buiten tijden dat al is werpt spectrum echo maakt zichtbaar brandt in weefsel algeheel dat is staat niet los van vlies

Je bekijkt een deel van het hoofdstuk. Gebruik de inhoudsopgave of blader verder.

Doorzoek het archief

Zoek in hoofdstukken, onderdelen en de herkende tekst van het boek.